Vormcrisis

Gepubliceerd op zondag 27 september 2020 09:51
Geschreven door Martin Mellens

Soms zit je als schaker ik een zwart gat. Achter het bord kan je geen plan verzinnen. Partijen die je zou moeten winnen worden remise, partijen die remise zouden moeten worden gaan toch verloren. De nullen rijgen zich aaneen. Je zit kortom in een vormcrisis. Hoe ga je hiermee om en nog belangrijker, hoe klim je weer uit het dal?

Een serie nederlagen kan gewoon puur statistisch toeval zijn. Stel dat je vijf partijen speelt tegen even sterke tegenstanders. De kans op vijf achtereenvolgende nederlagen is dan (1/32) ofwel ruim 3%. In werkelijkheid is de kans (veel) kleiner omdat je natuurlijk ook remise kan spelen. De kans is echter niet nul. Als je maar genoeg speelt, zal je altijd een keer een zeperd meemaken. Een schaker die nog nooit een vormcrisis heeft meegemaakt, is geen echte schaker, tenzij je Magnus Carlsen heet en de kans op een nederlaag ver onder de 50% ligt.

Belangrijk is iedere partij weer los te zien van de vorige partij. Dit is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Je hebt na een serie nederlagen de neiging of veel te agressief of juist veel te voorzichtig te spelen. Beide houdingen vergrootten de kans op een nieuwe nederlaag. Het is ook niet verstandig om in een toernooi dan maar te eindigen met een serie korte remises. Natuurlijk werkt een verknald toernooi niet inspirerend en zoek je het liefst de kroeg op. Een serie bloedeloze remises stimuleert echter ook niet het zelfvertrouwen. Dat komt pas weer terug met een gewonnen partij.

Het kan natuurlijk ook zijn dat je heel veel geschaakt hebt of met andere dingen bezig bent. In dat geval is het misschien verstandig even wat minder te schaken. Je kan ervoor kiezen even geen toernooien te spelen, maar bijvoorbeeld schaakpuzzels op te lossen. Op die manier blijf je bezig met schaken, maar rust je even uit van de wedstrijdspanning. Mogelijk vergroot het oplossen van puzzels ook je zelfvertrouwen. Het belangrijkste wapen bij een vormcrisis is echter het plezier in het schaakspel. Als het schaken zelf en niet het resultaat voor de vreugde zorgt is een nederlaag ook minder erg.

Normaal gesproken gaat een vormcrisis weer over en volgt na regen weer zonneschijn. Niemand is echter bestand tegen de tand des tijds. Op een gegeven moment nemen de krachten af en neemt de kans op een nederlaag toe. Wat echter altijd blijft is de bewondering voor een mooie schaakpartij of de vreugde van het vinden van een goede zet. Die kan niemand ooit afnemen. Zolang die vreugde bestaat, kun je een vormcrisis altijd aan!